Buitenlandse werkgevers die aan een in Nederland wonend personeelslid een auto ter beschikking stellen, kunnen onder voorwaarden vrijstelling van de bpm krijgen. Onlangs heeft de rechter duidelijkheid gebracht rond een van de hiervoor geldende voorwaarden. In dit artikel leggen wij dit uit.

Wat is bpm?

De belasting van personenauto’s en motorrijwielen (bpm) is een belasting die bij aanschaf van een auto of motor in Nederland wordt geheven. De uitstoot van CO2 is bepalend voor de hoogte van de bpm. Voor auto’s zonder uitstoot betaalt u geen bpm.

Werknemersvrijstelling

Er geldt in een aantal gevallen een vrijstelling voor de bpm. Een daarvan is de werknemersvrijstelling. Om voor deze vrijstelling in aanmerking te komen moet onder meer sprake zijn van:

  • Een auto die door een buitenlandse werkgever ter beschikking is gesteld.
  • Een auto die alleen in Nederland wordt gebruikt door een werknemer of zijn inwonende gezinsleden.

De werkgever moet schriftelijk verklaren dat de auto ter beschikking is gesteld en hoofdzakelijk is bestemd voor de uitvoering van werkzaamheden buiten Nederland.

Waar wordt de auto geregistreerd?

Voor de vrijstelling geldt ook de voorwaarde dat de werknemer in beginsel geen invloed kan uitoefenen op de beslissing in welk land de auto wordt geregistreerd. Dit is het gevolg van de arbeidsverhouding tussen werknemer en werkgever. De rechter moest zich onlangs uitspreken over de betekenis van deze eis.

Is 50% zeggenschap voldoende?

In de betreffende zaak was aan een dga van een Belgische bv een auto ter beschikking gesteld. De dga bezat 50% van de aandelen. De dga vroeg de werknemersvrijstelling voor de bpm aan, maar de inspecteur wees deze af. Volgens de inspecteur kon de dga wél invloed uitoefenen op de keuze waar de auto zou worden geregistreerd.

Beslissing tegenhouden is onvoldoende

De rechter was het hier niet mee eens en stelde de dga in het gelijk. De dga kon volgens de aandelenverhouding met 50% van de aandelen wel beslissingen tegenhouden, maar zelf geen beslissingen doordrukken. Hij kon formeel dan ook geen invloed uitoefenen op de plaats waar de auto zou worden geregistreerd en dus was de vrijstelling van toepassing.

Geschreven door:

Belastingadviseur Mariëlle Spuijbroek

mr. Mariëlle Spuijbroek

Partner en belastingadviseur