Een nieuwe regeling maakt het mogelijk om vanaf 2026 geen bijtelling meer toe te passen bij een fiets van de zaak, mits deze nauwelijks thuis wordt gestald. Dat kan financieel voordeel opleveren voor zowel werkgevers als ondernemers. In dit artikel leest u hoe de regeling werkt, wat u moet bewijzen én hoe u mogelijk belasting kunt terugvragen over eerdere jaren.
Fiets van de zaak: regels bij privégebruik
Gebruikt een werknemer een fiets van de zaak ook voor privédoeleinden? Dan geldt een forfaitaire bijtelling van 7% over de consumentenadviesprijs van de fiets. Die bijtelling wordt jaarlijks belast als loon in natura.
Let op! Woon-werkverkeer valt bij een fiets van de zaak onder het begrip ‘privégebruik’. Dit is anders dan bij een auto van de zaak, waar woon-werkverkeer wél als zakelijk wordt gezien.
Als werkgever moet u over de bijtelling loonbelasting en premies volksverzekeringen inhouden. U betaalt bovendien premies werknemersverzekeringen en draagt de werkgeversheffing Zvw af, tenzij u de bijdrage Zvw inhoudt bij de werknemer.
Nieuwe regeling: bijtelling vervalt bij weinig thuis stallen
De huidige bijtellingsregels sluiten in de praktijk niet altijd aan op nieuwe vormen van mobiliteit. Denk aan deel- of hubfietsen die werknemers gebruiken voor (een deel van) hun woon-werkverkeer, maar niet standaard mee naar huis nemen.
Vanaf 2026 komt er daarom een uitzondering: er geldt géén bijtelling meer voor een fiets van de zaak als deze niet of slechts incidenteel (maximaal 10% van de tijd) bij het woon- of verblijfadres van de werknemer wordt gestald.
Deze uitzondering geldt voor álle typen fietsen — niet alleen voor deel- of hubfietsen, maar ook voor reguliere fietsen van de zaak. Het is wel vereist dat de fiets uitsluitend wordt gebruikt voor woon-werkverkeer.
Let op! De bewijslast voor het beperkte stallen én het uitsluitende gebruik voor woon-werkverkeer ligt volledig bij u als werkgever. U moet dit kunnen onderbouwen met objectief en sluitend bewijs, zoals een kilometerregistratie of schriftelijke gebruiksafspraken.
Let op! Heeft de werknemer niet de beschikkingsmacht over de fiets in de periode dat deze bij zijn woon- of verblijfadres is, dan is in ieder geval geen sprake van stallen van de fiets. Beschikkingsmacht betekent feitelijke controle en exclusief gebruik van de fiets voor privédoeleinden. Dit doet zich bijvoorbeeld voor als een deelfiets in de app is ingeleverd
Terugwerkende kracht: vraag belasting terug vanaf 2020
De regeling gaat formeel in op 1 januari 2026, maar werkt terug tot 1 januari 2020. Dit betekent dat u de bijtelling over eerdere jaren mogelijk kunt terugvragen, mits u aan de voorwaarden voldoet.
U moet dan aantonen dat de fiets van de zaak in die jaren uitsluitend is gebruikt voor woon-werkverkeer en niet meer dan 10% van de tijd bij het woonadres is gestald. Let op: het verzamelen van bewijs over gebruik en stalling over voorgaande jaren kan lastig zijn, zeker als daar destijds geen administratie voor is bijgehouden.
Tip! Wilt u weten of er meer fiscale voordelen voor u als werkgever mogelijk zijn? Bekijk dan ook onze eindejaarstips voor werkgevers.
Ondernemers en de fiets van de zaak: dit moet u weten
De vrijstelling van bijtelling bij beperkt thuisgebruik geldt niet alleen voor werknemers. Ook zelfstandig ondernemers mogen deze regeling toepassen op hun zakelijke fiets. In dat geval wordt de bijtelling niet belast als loon, maar als bijtelling op de winst.