Het kabinet stelt voor om opbrengsten uit sparen en beleggen voortaan zwaarder te belasten. Daarom wordt het belastingtarief van box 3 van 31% volgend jaar verhoogd naar 32%. In 2024 stijgt het tarief verder naar 33% en in 2025 naar 34%. Hierdoor betaalt u in 2025 per saldo bijna 10% meer belasting over uw vermogen vergeleken met nu.
Belastingheffing in Box 3
In box 3 worden inkomsten uit sparen en beleggen belast. Vanaf 2023 wordt uitgegaan van de werkelijke verdeling van het vermogen in spaargeld, overige bezittingen en schulden. Daarbij wordt voor de belastingheffing in box 3 uitgegaan van verschillende fictieve rendementen. Dit is de zogenaamde spaarvariant.
De rendementen voor 2023 zijn nog niet bekend. Voor 2022 zijn de overige rendementen ook nog niet bekend. Wel wordt er voor de overige bezittingen gerekend met 5,53%,. Over het uiteindelijke totale rendement worden de hieronder genoemde tarieven aan belasting geheven.
| Banktegoeden (spaargeld) | Overige bezittingen | Schulden | |
|---|---|---|---|
| 2021 | 0,01% | 5,69% | 2,46% |
| 2022 | Nog niet vastgesteld | 5,53% | Nog niet vastgesteld |
| 2023 | Nog niet vastgesteld | Nog niet vastgesteld | Nog niet vastgesteld |
Berekening geldt ook voor rechtsherstel box 3
Deze berekening volgens de spaarvariant wordt ook gebruikt om te bepalen welke belastingheffing geldt over het vermogen van degenen die vanaf 2017 bezwaar hebben gemaakt tegen de heffing in box 3. Dit geldt ook voor het vermogen van degenen waarvan de aanslagen ten tijde van het arrest van de Hoge Raad nog niet waren vastgesteld.
Meer heffingsvrij vermogen in 2023
In box 3 wordt over een deel van het vermogen geen belasting geheven. Dit zogenaamde heffingsvrije vermogen stijgt van € 50.650 naar € 57.000 in 2023. Voor partners geldt een dubbele vrijstelling.
Los van vermogenstoets voor toeslagen
De omvang van het heffingsvrije vermogen staat tegenwoordig los van de vermogenstoets voor toeslagen. Voor de meeste toeslagen mag u over een beperkt vermogen beschikken. De omvang hiervan was tot in het verleden gekoppeld aan het heffingsvrije vermogen van box 3, maar dit is tegenwoordig niet meer van toepassing.
Let op! De voorstellen moeten nog door de Tweede en Eerste Kamer worden goedgekeurd en staan dus nog niet definitief vast.