Artikel

Arbeidsverleden telt mee bij bepaling transitievergoeding

Stel uw werknemer zegt zelf zijn dienstverband op, gaat elders werken maar komt binnen zes maanden na uit diensttreden weer bij u in dienst. Hoe moet dan de transitievergoeding worden berekend als ook dit tweede dienstverband ten einde komt? Moet u dan uitgaan van de gehele periode dat de werknemer in dienst was of moet alleen worden gekeken naar het moment dat de werknemer opnieuw in dienst is getreden? We zetten de regels voor u uiteen.

Voortgezet dienstverband

Over het algemeen geldt: voor de berekening van de transitievergoeding worden één of meer voorafgaande arbeidsovereenkomsten tussen dezelfde partijen samengeteld. Er mag dan echter maximaal zes maanden tussen deze contracten zitten. Dit wordt een voortgezet dienstverband genoemd. Wat was in deze zaak het geval?

Medewerker opnieuw in dienst maar later ontslagen

In een aan de kantonrechter Almere voorgelegde vraag had een werknemer van 1 oktober 2013 tot 1 juli 2019 als salesmanager bij zijn werkgever gewerkt. Per 1 juli 2019 zegde hij zijn dienstverband op om elders te werken. Uiteindelijk beviel dit toch niet en is hij op 14 oktober 2019 weer bij zijn voormalige werkgever in dienst getreden op basis van een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd als ordermanager.

Uiteindelijk gaat dit niet goed en wordt de arbeidsovereenkomst door de kantonrechter per 1 januari 2021 ontbonden. Bij de eindafrekening blijkt de werkgever de transitievergoeding berekend te hebben vanaf 14 oktober 2019 en niet vanaf 1 oktober 2013. De werknemer is het hier niet mee eens: naar zijn mening moet op basis van de wettekst rekening gehouden worden met een langer arbeidsverleden.

Initiatief einde arbeidsovereenkomst

Naar de mening van de werkgever is de transitievergoeding bedoeld voor situaties waarin de arbeidsovereenkomst is geëindigd op initiatief van de werkgever. Daar was in deze situatie geen sprake van, gelet op de opzegging van de werknemer van de eerste arbeidsovereenkomst. De werkgever vond bovendien dat het in strijd met de redelijkheid en billijkheid zou zijn als zij door het opnieuw in dienst nemen van de werknemer alsnog een transitievergoeding verschuldigd zou zijn, terwijl dat in eerste instantie niet het geval was.

Strikt toepassen van de wet is onaanvaardbaar

De rechter oordeelde ondanks dat er niets hierover in de wetsgeschiedenis staat, het gelijk toch aan de werkgever is. Het is naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar om de werkgever te veroordelen tot betaling van de transitievergoeding over het volledige dienstverband vanaf 1 oktober 2013, zonder daarbij rekening te houden met de opzegging van de werknemer per 1 juli 2019. Daarbij weegt ook mee dat de werknemer al een andere baan had aanvaard, voordat hij tot opzegging van zijn arbeidsovereenkomst bij de werkgever overging en hij dus welbewust deze keuze heeft gemaakt.

Aangepaste datum: 6 september 2021

Wilt u meer weten rondom de transitievergoeding?

Wilt u meer weten rondom het ontslag van medewerkers en welke regels er exact gelden? Laat dan uw gegevens achter, waarna onze hrm-adviseurs zo spoedig mogelijk contact met u leggen.

  •  *
  •  *
  •  *
  •  *
  •  *
  •  *