In 2026 verandert de toepassing van de expatregeling op een aantal belangrijke punten. Zo vervalt de overgangsregeling voor de aftopping van het loon en geldt de Wet normering topinkomens (WNT)-norm voortaan voor alle werknemers met deze regeling. Ook de minimale salarisnormen zijn aangepast. In dit artikel leest u wat deze wijzigingen betekenen voor u als werkgever.
Expatregeling: wat houdt deze regeling in?
De expatregeling is wat voorheen bekendstond als de 30%-regeling. Waarschijnlijk hangt de naamswijziging samen met de verlaging van het percentage per 2027 naar 27%. Bij toepassing van de expatregeling mag u als werkgever maximaal 30% van het loon belastingvrij vergoeden. Hiervoor gelden strikte voorwaarden, waaronder de voorwaarde dat de werknemer in het buitenland is aangeworven.
WNT-norm: maximale grondslag voor de expatregeling
Het loon waarover de 30% kan worden toegepast is gemaximeerd op de WNT-norm. Tot en met 2025 gold deze aftopping niet voor werknemers die al vóór 2023 de expatregeling toepasten. Vanaf 2026 geldt de WNT-norm ook voor deze groep.
Dit betekent dat de expatregeling in 2026 over een salaris tot maximaal € 262.000 mag worden toegepast. Onder de expatregeling kan daarom maximaal € 78.600 (30% van € 262.000) netto worden vergoed.
Let op! Vanaf 2027 daalt het percentage van de expatregeling naar 27%. Dit geldt niet voor alle werknemers die vóór 2024 de expatregeling al toepasten. Voor deze groep blijft het percentage van 30% gelden tot het einde van de looptijd van hun regeling.
Verhoging van salarisnorm
Naast het vervallen van het overgangsrecht met betrekking tot de toepassing van de WNT-norm, zijn in 2026 ook de salarisnormen weer verhoogd. De werknemer moet voor toepassing van de expatregeling een minimaal salaris verdienen.
Voor 2026 bedraagt deze salarisnorm € 48.013 per jaar. Voor werknemers die instromen, jonger zijn dan 30 jaar en hun masterdiploma hebben behaald, moet het salaris minimaal € 36.497 bedragen in 2026.