Prinsjesdag 2024 staat voor de deur! Daarom blikken we hier voor u vooruit op wat u als ondernemer in de echte economie kunt verwachten. De contouren van het Belastingplan 2025 zijn al enigszins zichtbaar door de aankondigingen in de Voorjaarsnota en de Fiscale beleids- en uitvoeringsagenda door het demissionaire kabinet. De politieke partijen PVV, VVD, NSC en BBB hebben op 16 mei 2024 een hoofdlijnenakkoord bereikt, dat de basis moet vormen voor een toekomstig regeerakkoord. Dit hoofdlijnenakkoord bevat ook voorstellen die een indicatie geven van de verwachte fiscale veranderingen. In dit artikel presenteren we de top 10 van de belangrijkste verwachte aanpassingen tijdens Prinsjesdag.
- Wijzigingen box 1: derde belastingschrijf op komst?
- Verlaging van de MKB-winstvrijstelling teruggedraaid
- Diverse plannen voor box 3
- Afbouw van de algemene heffingskorting
- Verdere aanpassing bedrijfsopvolgingsregeling
- Tariefsverlaging in box 2
- Limiet earningstrippingsmaatregel gaat omhoog
- Verlenging accijnsverlaging voor brandstof en herinvoering rode diesel
- Kleine ondernemersregeling btw binnen de EU
- Afschaffing inkoopfaciliteit dividendbelasting teruggedraaid
Let op! Deze aanpassingen zijn natuurlijk niet definitief. Pas op Prinsjesdag (17 september) weten we precies wat het kabinet op fiscaal gebied in petto heeft.
Onze top 10 van verwachte aanpassingen
- Wijzigingen box 1: derde belastingschijf op komst?
Met ingang van 2025 stijgt het tarief voor de eerste belastingschijf licht.
Het punt waarop het toptarief van toepassing is (momenteel € 75.518) wordt normaal gesproken elk jaar verhoogd. In 2025 lijkt deze verhoging echter € 557 minder zijn dan het geplande traject.
Verder is in het hoofdlijnenakkoord het streven aangegeven naar lastenverlichting voor werkende middeninkomens door de belastingdruk op arbeid te verminderen en de marginale druk voor burgers te verlagen. Om dit doel te bereiken, verwachten wij dat tijdens Prinsjesdag een derde belastingschijf in de inkomstenbelasting wordt geïntroduceerd.
- Verlaging van de MKB-winstvrijstelling teruggedraaid
Ondernemers die voor de inkomstenbelasting hun winst uit onderneming opgeven, kunnen profiteren van de MKB-winstvrijstelling. Deze vrijstelling is momenteel 13,31% van de winst. Het vorige kabinet had plannen om de MKB-winstvrijstelling per 1 januari 2025 verder te verlagen naar 12,03%.
Volgens het hoofdlijnenakkoord van de nieuwe coalitie vindt deze verdere verlaging toch niet plaats. Vanaf 1 januari 2025 wordt de MKB-winstvrijstelling naar verwachting 12,7%.
- Diverse plannen voor box 3
- De nieuwe coalitie is via het kabinet van plan om het huidige box 3-tarief van 36% vanaf 1 januari 2025 te verlagen. Een specifiek tarief is nog niet genoemd.
- Daarnaast is in het Belastingplan 2024 geregeld dat de vrijstelling voor groene beleggingen zal worden verlaagd van € 71.251 naar € 30.000 voor individuen en van € 142.502 naar € 60.000 voor partners.
- De noodzakelijke ingrijpende herziening van box 3 is gepland voor 2027.
- Volgens de voorjaarsnota had de voormalige staatssecretaris Van Rij het plan om de storting van box 3-vermogen in een eigen B.V. en het daaropvolgende teruglenen aan te pakken. Of dit beleid onder het nieuwe kabinet doorgevoerd wordt, wordt bekend gemaakt op Prinsjesdag.
- Afbouw van de algemene heffingskorting
Elke belastingplichtige heeft recht op de algemene heffingskorting. Dit is een vermindering van de verschuldigde inkomstenbelasting. De maximale algemene heffingskorting bedraagt € 3.362 (in 2024), maar deze korting is afhankelijk van het inkomen. Naarmate het inkomen stijgt, neemt de korting af.
In het Belastingplan 2023 is besloten dat vanaf 2025 de afbouw van de korting niet langer uitsluitend wordt bepaald door het inkomen uit werk en woning (box 1), maar door het verzamelinkomen. Het verzamelinkomen omvat naast het inkomen uit werk en woning (box 1), ook het inkomen uit aanmerkelijk belang (box 2) en het inkomen uit sparen en beleggen (box 3). Heeft u weinig of geen inkomen uit werk en woning, maar een voldoende hoog inkomen uit aanmerkelijk belang of sparen en beleggen? Dan bent u door deze maatregel vanaf 2025 meer belasting verschuldigd.
- Verdere aanpassing bedrijfsopvolgingsregeling
In 2024 zijn diverse aanpassingen doorgevoerd in de bedrijfsopvolgingsregeling. Voor 2025 staan (al reeds geplande) aanvullende wijzigingen op de planning:
- De vrijstelling wordt herzien van een 100% vrijstelling tot € 1.325.253 en daarboven 83%, naar een 100% vrijstelling tot € 1.500.000 en daarboven 75%.
- De 5% doelmatigheidsmarge wordt afgeschaft. Deze marge maakt het mogelijk om beleggingsvermogen tot 5% van het ondernemingsvermogen als ondernemingsvermogen te beschouwen.
- Keuzevermogen komt alleen in aanmerking voor de bedrijfsopvolgingsregeling als het binnen de onderneming wordt gebruikt. Bedrijfsmiddelen die momenteel voor zowel zakelijke als niet-zakelijke doeleinden worden gebruikt, kwalificeren voor de faciliteiten. Vanaf 2025 kwalificeren bedrijfsmiddelen alleen voor de regeling als ze voor minstens 90% voor bedrijfsdoeleinden worden gebruikt en een waarde hebben van minimaal € 100.000.
- De dienstbetrekkingseis komt te vervallen.
- Er wordt een minimumleeftijd van 21 jaar ingevoerd voor overdrachten via schenkingen (niet van toepassing bij overlijden).
Een aantal maatregelen is wel genoemd in het Belastingplan 2024, maar nog niet verder uitgewerkt. Deze maatregelen worden opgenomen in het Belastingplan 2025 tenzij het nieuwe kabinet een andere koers gaat varen. Vooralsnog hebben wij geen geluiden ontvangen dat dit zal gaan gebeuren. Het betreft de volgende maatregelen:
- Toegang tot de bedrijfsopvolgingsregeling beperken tot reguliere aandelen met een minimaal belang van 5% in het geplaatste kapitaal.
- Versoepelingen van de bezits- en voortzettingseis BOR.
- Aanpak constructies BOR (dubbel-BOR en rollatorinvesteringen).
6. Tariefsverlaging in box 2
Heeft u meer dan 5% van de aandelen, winstbewijzen of stemrecht in een vennootschap? Dan bent u aanmerkelijkbelanghouder. De inkomsten die u uit dit belang krijgt (zoals dividend) zijn belast in box 2 van de inkomstenbelasting.
Het tarief in box 2 is per 1 januari 2024 verdeeld in twee schijven: 24,5% over de eerste € 67.000 en 33% over het bedrag daarboven. In het hoofdlijnenakkoord is opgenomen dat het tarief van de tweede schijf per 1 januari 2025 wordt verlaagd van 33% naar 31%. De schijfgrens van € 67.000 wordt nog geïndexeerd.
7. Limiet earningstrippingsmaatregel gaat omhoog
De earningsstrippingregeling is een beperking op de aftrekbaarheid van rente binnen de vennootschapsbelasting en raakt voornamelijk grote bedrijven. Rente-uitgaven zijn slechts aftrekbaar tot het hoogste bedrag van € 1.000.000 of 20% van de EBITDA, het bruto bedrijfsresultaat. Deze limiet is van toepassing op elke belastingbetaler. Volgens het hoofdlijnenakkoord zal de limiet van 20% worden opgetrokken naar het Europese gemiddelde van 25%.
8. Verlenging accijnsverlaging voor brandstof en herinvoering rode diesel
Vanaf 1 juli 2023 is een verlaging van de accijns op benzine, diesel en LPG van kracht. Oorspronkelijk zou deze verlaging gelden tot 31 december 2024. In het hoofdlijnenakkoord is bepaald dat deze accijnsverlaging wordt verlengd tot het einde van 2025 en is vastgelegd dat de rode diesel (een lager accijnstarief) opnieuw beschikbaar wordt voor boeren, tuinders en loonwerkers.
9. Kleine ondernemersregeling btw binnen de EU
Vanaf 1 januari 2025 kunnen kleine ondernemers in een andere EU-lidstaat gebruikmaken van de kleine ondernemersregeling. Deze regeling biedt een btw-vrijstelling voor kleine ondernemers die onder een bepaalde omzetgrens blijven.
10. Afschaffing inkoopfaciliteit dividendbelasting teruggedraaid
De regeling van de dividendbelasting biedt (onder voorwaarden en grenzen) een vrijstelling voor het inhouden van belasting bij de terugkoop van eigen aandelen door beursgenoteerde bedrijven. Dit betekent dat beursfondsen geen dividendbelasting hoeven te betalen wanneer zij hun eigen aandelen terugkopen.
Oorspronkelijk zou deze vrijstelling per 1 januari 2025 komen te vervallen. Na een verzoek van de Eerste Kamer aan het demissionaire kabinet om deze faciliteit te behouden, heeft de nieuwe coalitie besloten om de inkoopfaciliteit niet af te schaffen. Omdat de afschaffing al was opgenomen in het Belastingplan 2024 verwachten wij dat het terugdraaien van deze beslissing wordt meegenomen in het Belastingplan 2025.
Inschatting van Moore DRV voor Prinsjesdag
Voor Prinsjesdag 2024 verwachten we geen groot fiscaal spektakel, maar wel een reeks subtiele fiscale aanpassingen over diverse belastinggebieden. Het is dus goed mogelijk dat u geconfronteerd wordt met een aanpassing die niet in onze top 10 is opgenomen. De meeste aanpassingen zijn reeds aangekondigd tijdens de vorige Prinsjesdag. Echter, voor sommige plannen worden nu herzieningen voorgesteld.
Vervolg
Op Prinsjesdag, 17 september wordt het pakket Belastingplan 2025 onthuld, waarna het besproken wordt in de Tweede en Eerste kamer. Trouw aan onze traditie zullen wij op Prinsjesdag een top 10-lijst samenstellen van de belangrijkste voorgestelde veranderingen. Daarnaast voorzien wij u van een overzichtelijk whitepaper die de voorgestelde wijzigingen per thema in detail behandelt. Bij goedkeuring worden de plannen meestal vanaf 1 januari van het volgende jaar van kracht.