Artikel

De 14 belangrijkste wijzigingen
in het Belastingplan 2024

De Tweede Kamer heeft ingestemd met alle wetsvoorstellen uit het Belastingplanpakket 2024. Wel heeft het een flink aantal amendementen aangenomen met wijzigingen op de wetsvoorstellen. In aanloop naar de verkiezingen zijn 62 amendementen en 31 moties ingediend. Een recordaantal. Wat zijn de belangrijkste overeengekomen aanpassingen? Wij vatten de aanpassingen in 14 punten voor u samen.

Let op! De wetsvoorstellen inclusief amendementen moeten nog wel worden goedgekeurd door de Eerste Kamer.

1. Verlaging mkb-winstvrijstelling deels teruggedraaid

Een deel van de voorgenomen verlaging van de mkb-winstvrijstelling wordt teruggedraaid. De mkb-winstvrijstelling wordt per 1 januari 2024 verlaagd van 14% naar 13,31% en dus niet naar 12,7% zoals eerder het plan was.

2. Belasting dividenduitkering box 2 verhoogd

De belasting op dividenduitkeringen in box 2 gaat in 2024 omhoog. Vorig jaar is al besloten dat er vanaf 2024 twee tarieven in box 2 gaan gelden: 24,5% tot € 67.000 (bij fiscale partners € 134.000) en 31% daarboven. Dit hoogste tarief wordt per 1 januari 2024 geen 31 maar 33%. Dat betekent dat het maximale gecombineerde belastingtarief op dividend hoger wordt dan het maximale tarief op arbeidsinkomen.

3. Drempel excessief lenen verlaagd naar €500.000

Een dga die meer dan € 700.000 leent van zijn eigen bv, wordt vanaf 2023 geconfronteerd met de Wet excessief lenen bij eigen vennootschap. Deze wet houdt in dat het bedrag boven de drempel wordt belast als een fictief regulier voordeel in box 2. Het eerste meetmoment hiervoor is 31 december 2023. Tot de drempel van € 700.000 is geen sprake van excessief lenen. Deze drempel wordt in 2024 verlaagd naar € 500.000.

Let op! De tarieven in box 2 gaan in 2024 ook omhoog, zoals bij punt 2 aangegeven.

4. Hoger tarief voor box 3

De belastingdienst gaat vanaf 2024 meer belasting heffen over het inkomen uit vermogen. Het tarief in box 3, waarin onder andere spaargeld, beleggingen en tweede woningen vallen, stijgt dan van 32% naar 36%. Dit is een grotere verhoging dan het kabinet eerder had voorgesteld. Toen was het plan om het tarief stapsgewijs te verhogen naar 34%.

5. Afschaffing fiscale aftrek in de vennootschapsbelasting voor giften van tafel

Het plan om vanaf 2024 de fiscale aftrek voor giften in de vennootschapsbelasting onder de € 100.000 te beëindigen, is ingetrokken. Dit betekent dat ondernemingen die minder dan € 100.000 per jaar zonder zakelijk motief schenken aan goede doelen, dit kunnen blijven aftrekken van hun belastbare winst.

6. Vrijstelling in de bedrijfsopvolgingsregeling aangepast

De bedrijfsopvolgingsregeling (BOR) zorgt voor een fiscale faciliteit voor ondernemers bij de overdracht van de onderneming. Eerder was al bekend dat het bedrag dat per 2025 voor de BOR voor 100% is vrijgesteld, wordt verhoogd van € 1.205.871 in 2023 naar € 1.500.000 in 2025. Voor het bedrag daarboven was een verlaging van deze vrijstelling gepland van 83% tot en met 2024 naar 70% vanaf 2025. Dit wordt nu 75% vanaf 2025.

7. Inkoopfaciliteit voor aankoop eigen aandelen afgeschaft

Vanaf 2025 wordt het fiscaal minder aantrekkelijk voor bedrijven om eigen aandelen in te kopen. De inkoopfaciliteit wordt dan namelijk afgeschaft. Deze regeling maakt het mogelijk om eigen aandelen in te kopen zonder dividendbelasting verschuldigd te zijn. Door de afschaffing wordt de inkoop van eigen aandelen op dezelfde manier belast als het uitkeren van dividend.

8. De 30% regeling wordt versoberd

De 30%-regeling wordt per 1 januari 2024 verder aangescherpt. Deze regeling stelt werkgevers in staat om een deel van het loon aan werknemers die uit het buitenland zijn aangetrokken, belastingvrij uit te keren. De regeling was eerder al beperkt door een koppeling per 1 januari 2024 aan de Balkenendenorm. Nieuw is dat de het belastingvrije percentage van het loon in de eerste twintig maanden nog wel 30% mag bedragen, maar voor de tweede twintig maanden verlaagd wordt naar 20%. Gedurende de derde twintig maanden bedraagt deze 10%. Ook wordt de buitenlandse partiële belastingplicht per 2024 afgeschaft. Voor al lopende 30%-regelingen geldt overgangsrecht.

9. Afschaffing inkomensafhankelijke combinatiekorting (IACK) uitgesteld tot 2027

De inkomensafhankelijke combinatiekorting (IACK) is een belastingvoordeel voor werkende ouders met jonge kinderen. Deze regeling zou vanaf 2025 afgeschaft worden. Alleen ouders met een kind dat vóór 1 januari 2025 geboren is, zouden vanaf 2025 nog recht hebben op IACK. Deze afschaffing wordt uitgesteld naar 2027. Vanaf die datum houden alle ouders met kinderen die aan de voorwaarden voldoen recht op IACK, dus ook ouders met een kind geboren vanaf 1 januari 2027. De hoogte van de IACK wordt wel elk jaar een stuk lager en zo in negen jaar afgebouwd naar nihil.

10. Belastingkorting voor brandstof verlengd met één jaar.

De belastingkorting voor benzine, diesel en LPG, die sinds 1 juli 2023 geldt, wordt verlengd met 1 jaar. Ook wordt de reguliere indexatie per 1 januari 2024 niet doorgevoerd.

11. Verlaging van de energiebelasting

Om de lasten van huishoudens te verlichten, wordt de energiebelasting verlaagd. Ter dekking van deze maatregel wordt onder meer het hoge tarief van de Aof-premie met 0,05% verhoogd.

12. Verhoging accijns op alcohol verminderd

De voorgenomen verhoging van accijns op alcohol met 16,3% wordt bijna gehalveerd. Ter dekking van deze verlaging wordt het accijnstarief op tabak verhoogd en de kansspelbelasting met 1 procentpunt verhoogd.

13. Bedrag voor belastingvrij sparen of beleggen in groene projecten verlaagd

Vanaf 1 januari 2025 wordt het bedrag dat u belastingvrij kunt sparen of beleggen in groene projecten verlaagd. Dit betekent dat u minder belastingvoordeel heeft als u kiest voor groen sparen of beleggen. Het in box 3 vrijgestelde bedrag wordt met ingang van 1 januari 2025 verlaagd naar € 30.000, voor fiscale partners is dit € 60.000.

14. Verlaagde energiebelastingtarief glastuinbouw verlengd

Het verlaagde energiebelastingtarief voor de glastuinbouw (bedoeld om de sector te stimuleren om te verduurzamen) wordt met 10 jaar verlengd. Dit betekent dat de glastuinbouwers tot 2035 kunnen profiteren van een lager tarief op hun energieverbruik.

Geschreven door:

mr. Mariëlle Spuijbroek Partner en belastingadviseur
Aangepaste datum: 21 maart 2024

mr. Mariëlle Spuijbroek

Partner en belastingadviseur

Meer weten?

Wilt u meer weten over de impact van fiscale voorstellen en wijzigingen uit het Belastingplan 2024 op uw bedrijf? Neem dan contact op met een van onze adviseurs.

  •  *
  •  *
  •  *
  •  *
  •  *
  •  *

Geschreven door:

mr. Mariëlle Spuijbroek Partner en belastingadviseur