De Eerste Kamer heeft het pakket Belastingplannen 2025 aangenomen. De Tweede Kamer stemde eerder al in. We zetten een aantal belangrijke wijzigingen voor u als ondernemer in de echte economie op een rij.
- Verlaging hoge tarief tweede schijf van box 2
- Nieuwe derde schijf inkomstenbelasting in box 1
- Verlaging en afschaffing vrijstelling en heffingskorting groene beleggingen
- Nieuwe regels voor aftrek vervoerskosten bij ziekte
- Verhoging vrije ruimte werkkostenregeling
- 30%-regeling voor expats wordt 27%-regeling vanaf 2027
- Ruimere WBSO vanaf 2025
- Btw-tarief logies gaat omhoog vanaf 2026
- Btw-herziening investeringsdiensten van minimaal € 30.000 per 2026
- Definitieve afschaffing salderingsregeling zonnepanelen per 2027
- Wijziging bedrijfsopvolgingsregeling en doorschuifregeling
- Overdrachtsbelasting omlaag voor woningen niet in eigen gebruik
1. Verlaging hoge tarief tweede schijf van box 2
Sinds 1 januari 2024 zijn er twee tarieven voor box 2 in plaats van één uniform tarief. Voor ontvangen dividenden en andere inkomsten in box 2 tot € 67.000 gold in 2024 een tarief van 24,5%. Dit tarief blijft in 2025 gelijk, maar geldt dan tot € 67.804.
Inkomsten in box 2 boven € 67.000 werden in 2024 belast tegen 33%. Vanaf 2025 is dit tarief voor inkomsten boven € 67.804 verlaagd naar 31%. Fiscale partners kunnen profiteren van een tarief van 24,5% tot € 134.000 in 2024 en tot € 135.608 in 2025.
2. Nieuwe derde schijf inkomstenbelasting in box 1
De inkomstenbelasting in box 1 krijgt vanaf 2025 een derde schijf. Het tarief in de eerste schijf daalt van 36,97% in 2024 naar 35,82% in 2025 en geldt tot een inkomen van € 38.441. Het tarief van de tweede schijf stijgt naar 37,48% en loopt tot € 76.817. De grens voor de derde (hoogste) schijf ligt € 1.298 hoger dan in 2024. Het hoogste tarief in box 1 blijft 49,5%. Deze aanpassingen zorgen voor een gerichtere lastenverlichting bij middeninkomens.
3. Verlaging en afschaffing vrijstelling en heffingskorting groene beleggingen
Vanaf 2025 wordt de vrijstelling voor groene beleggingen verlaagd en in 2027 volledig afgeschaft. Op 1 januari 2024 was de vrijstelling nog maximaal € 71.251, maar per 1 januari 2025 daalt dit bedrag naar € 26.312. Voor fiscale partners geldt een gezamenlijke vrijstelling van € 52.624 in 2025.
Naast de vrijstelling in box 3 heeft u in 2024 recht op een heffingskorting van 0,7% van het vrijgestelde bedrag in box 3. Deze heffingskorting wordt vanaf 2025 verlaagd naar 0,1%. De vrijstelling en heffingskorting blijven in 2026 nog bestaan, maar worden per 1 januari 2027 volledig afgeschaft.
4. Nieuwe regels voor aftrek vervoerskosten bij ziekte
Vanaf 2025 wijzigt de aftrek van vervoerskosten bij ziekte. Voor de berekening van deze kosten moet vanaf 2025 worden uitgegaan van € 0,23 per kilometer. Daarnaast mogen de werkelijk gemaakte kosten voor parkeren, tol en veergelden worden afgetrokken. Ernstig zieken en invaliden mogen vanaf 2025 voor extra vervoerskosten alleen nog een vast bedrag van € 925 per jaar aftrekken.
5. Verhoging vrije ruimte werkkostenregeling per 2025 en 2027
Vanaf 2025 wordt de vrije ruimte verhoogd naar 2% van de loonsom tot € 400.000, terwijl de vrije ruimte daarboven op 1,18% blijft. In 2027 wordt de vrije ruimte verder verhoogd naar 2,16% van de loonsom tot € 400.000, met behoud van het percentage van 1,18% daarboven.
6. 30%-regeling voor expats wordt 27%-regeling vanaf 2027
Werknemers die naar Nederland komen en aan de criteria voldoen kunnen gebruikmaken van de 30%-regeling, waarbij zij maximaal 30% van hun salaris onbelast ontvangen. Vanaf 1 januari 2027 wordt dit percentage verlaagd naar 27%. De regeling blijft maximaal vijf jaar geldig.
In 2025 en 2026 blijft het percentage 30%. De salarisnorm wordt in 2027 verhoogd van € 46.107 (2024) naar € 50.436 (vóór indexatie). Voor werknemers jonger dan 30 jaar met een master wordt de salarisnorm verhoogd van € 35.048 (2024) naar € 38.338 (vóór indexatie).
7. Ruimere WBSO vanaf 2025
Werkgevers krijgen via de WBSO een tegemoetkoming in de kosten van innovatieve werkzaamheden. De hoogte van de tegemoetkoming hangt af van de innovatiekosten en of het bedrijf een starter is. Voor kosten tot € 350.000 gold in 2024 een percentage van 32% en voor het bedrag daarboven 16%.
In 2025 stijgt dit naar 36% voor kosten tot € 380.000, met 16% voor het bedrag daarboven. Voor starters geldt in 2024 een percentage van 40% voor kosten tot € 350.000, en in 2025 stijgt dit naar 50% voor kosten tot € 380.000. In 2025 is er € 100 miljoen extra beschikbaar voor de WBSO, waardoor het totale budget naar ruim € 1,6 miljard stijgt.
8. Btw-tarief logies gaat omhoog vanaf 2026
Het verlaagde btw-tarief van 9% voor logies (hotels, vakantiewoningen en stacaravans) wordt per 1 januari 2026 afgeschaft. Het algemene btw-tarief van 21% wordt dan van toepassing, met uitzondering van kampeerterreinen die onder het verlaagde tarief van 9% blijven vallen. De aanpassing van het btw-tarief is afhankelijk van het moment van de overnachting, niet van de betaling. Vooruitbetalingen in 2025 voor overnachtingen in 2026 vallen onder het 21% btw-tarief.
9. Btw-herziening investeringsdiensten van minimaal € 30.000 per 2026
Vanaf 2026 geldt een btw-herzieningsregeling voor investeringsdiensten van minimaal € 30.000. Deze diensten worden gevolgd in het jaar van ingebruikname en de vier daaropvolgende jaren. Wijzigt het gebruik voor btw-belaste en/of btw-vrijgestelde prestaties in die periode? Dan wordt de btw-aftrek herzien.
10. Definitieve afschaffing salderingsregeling zonnepanelen per 2027
De salderingsregeling zorgt nu nog voor verrekening van teruggeleverde elektriciteit met afgenomen elektriciteit. Deze regeling wordt per 1 januari 2027 afgeschaft. Energieleveranciers moeten vanaf dat moment een redelijke vergoeding betalen voor teruggeleverde elektriciteit, die tot 1 januari 2030 minimaal 50% van de overeengekomen prijs bedraagt.
11. Wijziging bedrijfsopvolgingsregeling en doorschuifregeling per 2025 en 2026
De bedrijfsopvolgingsregeling (BOR) en de doorschuifregeling (DSR) wijzigen op meerdere punten per 1 januari 2025 en 2026. De verplichte voortzettingstermijn wordt vanaf 2025 verkort van vijf naar drie jaar. Vanaf 2026 worden onder andere de bezits- en voortzettingstermijn bij herstructureringen versoepeld, rollatorinvesteringen en dubbel gebruik van de BOR tegengegaan, en een wettelijke definitie van preferente aandelen ingevoerd. Het beperken van de BOR en DSR voor aandelen tot gewone aandelen met een minimaal belang van 5% vindt plaats vanaf een nog nader te bepalen datum.
12. Overdrachtsbelasting omlaag voor woningen niet in eigen gebruik per 2026
Het algemene tarief van de overdrachtsbelasting van 10,4% wordt per 1 januari 2026 verlaagd naar 8% voor woningen die niet onder het tarief van 2% of de startersvrijstelling voor eigen woningen vallen.